Lieke en K3 (deel twee)

Vervolg van Lieke en K3

Kijk Lieke, dit is nu K3!, riep ik. Niet alleen op de film, maar echt, leuk he? Lieke zat naast me, met in haar armen haar roze knuf geklemd. Op haar gezicht was verbijstering, spanning,vreugde, maar ook ongenoegen te lezen. Bij de eerste klanken van het bekende nummer In Afrika en in Amerika, ging er een golf van herkenning door de zaal heen. Iedereen zong luid mee. Ook Lieke natuurlijk.

Ze ging staan op haar stoel, zwaaide fanatiek met haar verlichte toverstaf, kwam toen bij me op schoot zitten, vervolgens voor me staan, op mijn stoel. Ik hield haar vast en ik zag en voelde haar roze ruggetje heen en weer deinen. Haar blonde haartjes deinden telkens een halve seconde later mee.

Bij het tweede nummer, een van haar favorieten De drie biggetjes, was ze niet meer te houden. Als een aal gleed ze uit mijn armen en op het middenpad danste ze, sprong ze, en zong ze de longen uit haar lijfje. Mensen keken vertederd naar haar. Haar knuf in de ene hand en in de andere het felknipperende toverstafje.

Liekestafje_2

Het leek alsof K3 werd geinspireerd door het enthousiaste tovermeisje, want even later klonk het lied: Hocus Pocus, iedereen kan toveren.

Andere kinderen volgden toen haar voorbeeld, en al gauw stond ze temidden van een groep meisjes en een enkele jongen. Ik kon haar vanuit mijn positie nog steeds gadeslaan en in de gaten houden. Maar niet voor lang, want even later kwam er een grote groep kinderen van achter uit de grote zaal, die ook mee wilde dansen, en dicht bij K3 zijn. Toen verloor ik haar uit het oog.

K3 vertelde een verhaal, een spannend verhaal. Met behulp van animaties op een groot scherm, het acteertalent van de drie meiden en de prachtige muziek werd een sprookjesachtige sfeer geschapen.

Telkens dacht ik, hoopte ik, als de muziek wat luider klonk, dat ze wel weer even terug zou keren. Ze houdt namelijk niet van harde klanken. Maar er kwam geen Lieke. Daarom ging ik toen maar even poolshoogte nemen.

Nadat ik mijn buurvrouw had gevraagd of ze even een oogje in het zeil van mijn tas wilde houden, ging ik in bukkende houding maar eens op verkenning uit. Mijn buurvrouw had een braaf kind wat gewoon op haar stoel bleef zitten..

Het ging goed, natuurlijk ging het goed. Ze stond helemaal vooraan, vlak voor een zittende suppoost, die met zijn rug naar het toneel zat, en wiens taak het op dat moment was om de horde kinderen tegen te houden, zodat ze niet tot bij het podium konden komen.

Ze had het erg naar haar zin. Ik ging naast haar op de grond zitten, want de gebukte houding was te ingewikkeld voor mijn rugspieren. En zo kon ik de dansende en zingende Lieke filmen. Haar wangen waren vuurrood en haar ogen glansden. Ik vroeg haar of ze nu mee ging naar haar stoel, maar ze hoorde me niet, of veinsde me niet te horen.

Toen besloot ik maar om haar los te laten, haar haar eigen koers te laten varen. Ze vierde duidelijk haar eigen feestje waar ze mij niet echt voor nodig had. Al bukkend liep ik weer terug naar mijn plaats, waar ik de rest van het concert wel alleen van zou genieten, dacht ik.

Maar na tien minuten begon mijn zitvlak te prikken en merkte ik dat ik mijn halsspieren rekte om een glimp te ontdekken van het roze, blonde dansmeisje.

K3 zong Oma’s aan de top en ik voelde mij een Oma op afstand.

Ik stond (gebukt) alweer op het middenpad, mijn foto/filmtoestel in de aanslag. Dit keer kon ik haar niet vinden tussen al die roze, springende, meisjes. Toen ik rechtop ging staan om meer uitzicht te hebben, zag ik het handgebaar van de suppoost die mij snel weer nederig deed bukken. Op mijn knieen, (als de vertolker van Toulous- Lautrec uit de film ‘Moulin Rouge’ ) liep ik verder en daar was ze weer, mijn heerlijke Lieke.  Ze zag mij niet, en dat was leuk. Ze was in trance. Ik genoot enorm van haar genieten.

Ik zocht mijn plaats weer op. Na een optreden van een uur en twintig minuten werd het laatste nummer aangekondigd: Heija mamamani heiya. Een lied wat we samen heel vaak hebben gezongen.

Ik besloot maar weer naar voren te lopen omdat ik er van uit ging dat na het laatste nummer de kinderen gelegenheid zouden krijgen om de meiden van K3 bloemen, tekeningen etc. aan te bieden. Een stormloop dus. En dan wilde ik bij haar zijn.

Maar ik had buiten de waard gerekend: want al tijdens het laatste nummer merkte ik dat de suppoosten hun fysieke dranghekken hadden opgeheven! Tot mijn verbijstering zag ik dat er van alle kanten van de grote zaal groepen kinderen, moeders en vaders, oma’s en opa’s naar voren liepen, die maar een ding schenen te willen: K3 aanraken!

En ik wilde ook maar een ding: mijn kleinkind terug. Plotseling stond ik helemaal klem, kon niet meer voor-of achteruit. De paniek sloeg bijna toe. In gedachten zag ik haar al op de grond liggen, huilend, maar door niemand gehoord, en met vele voeten getreden!

Dat wordt ellebogenwerk, dacht ik. (ben ik niet zo’n voorstander van, maar dit keer is het geoorloofd, vond ik). Een vrouw vroeg aan me: bent u iets kwijt? Ja, riep ik schor, mijn kind! O, zei ze, dat is minder. (minder dan iets bedoelde ze?)

Verdwaasd elleboogde ik verder tot vlak voor het podium en bemerkte nog net in mijn benevelde toestand dat de benen van de K3 meisjes niet bloot, maar met vleeskleurige netpanty’s omhuld waren.

En ondertussen zongen ze maar door, de drie kanjers, steeds herhalend: Heija mamamani heiya.

Toen kwam ik meneer de suppoost weer tegen die ditmaal de taak had om ervoor te zorgen dat er niemand, maar dan ook niemand het toneel op zou lopen, klimmen. Ik ben mijn kleindochter kwijt! schreewde ik hem toe. De man keek naar me, maar ook langs me, en vroeg: hoe ziet ze er uit, hoe heet ze? Ze is in het roze gekleed, blafte ik hem toe. Hij glimlachte en keek om zich heen naar al het roze van de vele vele meisjes. Ze heeft blonde haren en draagt een brilletje, snauwde ik er nog achteraan, en oja, ze heet Lieke!!

De man draaide zijn hoofd naar links, en toen, als in slow-motion wees hij ergens in de verte. Is datter soms, zei hij, en draaide toen zijn hoofd terug, en keek mij strak aan. Ik keek in de richting waar hij naar had gewezen, en daar stond ze: Lieke Annemiek.

Ze had de stoel van de suppoost naar het podium geschoven, of iemand anders had het gedaan, en stond bovenop de stoel met haar hoofdje net boven het podium, met haar vuisten te trommelen op de toneelvloer om de aandacht trekken van de meiden die het toneel inmiddels al aan het verlaten waren.

Ik dook naar haar toe, roepende: Lieke, Oma was je kwijt en daarom heel verdrietig, ik ben zoo blij dat ik je heb teruggevonden! Maar Oma, zei ze, ik wil hier blijven.

Dat kan niet Lieke, K3 gaat nu naar huis en wij ook.

Toen leek het alsof ze ontwaakte uit haar trance, want plotseling zei ze met een heel klein stemmetje: Oma, jij moet mij tillen..

Verheugd tilde ik haar op en liep ik terug naar onze plaatsen. Onderweg zag ik een paar roze glitterschoenen liggen. Het waren de hare. Ze had ze gewoon uitgedaan (ze prikten zo) en laten liggen waar ze ze had uitgedaan.

Aangekomen bij onze plaatsen bleek dat de lieve oma die in een rolstoel een rij voor ons had gezeten, op ons had gewacht om de onbeheerde calamiteitentas in de gaten te houden. Ze had gehoord dat ik op zoek was naar mijn kleinkind. Dank u wel, lieve onbekende Oma!

B
uiten gekomen leek het zo licht, de zon scheen fel, en ik was zeer opgelucht vanwege de goede afloop.

Lieke lag heerlijk tegen mij aan, helemaal aan het einde van haar latijn, leek het. In de verte zag ik Opa al naast zijn auto staan, wachtend op ons. Ik fluisterde aan haar oor: ik zie ooopa al stahaan.

Waar? riep ze, ineens weer monter. Ze gleed uit mijn armen en ik kon nog net voorkomen dat ze voor de langzaamrijdende auto’s, die de grote parkeerplaats wilden verlaten, zou lopen.

Maar toen de kust veilig was, rende ze in een run naar Opa en vloog in zijn armen. Hij ving haar op en draaide het blije meisje rond. Ze wilde wel drinken en ook iets eten. Opa informeerde: hoe was het, Lieke? Maar ze zei alleen: mooi, en verder niets. Opa begreep het wel.

In de auto, in haar zitje, leek ze opeens weer zo klein en kwetsbaar. Gauke reedt rustig de parkeerplaats af, op weg naar Tiel, waar Lieke woont. Onderweg probeerde hij het nog eens: vond je K3 echt heel mooi, Lieke?

Maar ze gaf geen antwoord, ze was in slaap gevallen.

En ik was zielsgelukkig.

Voor opa’s verslag: kijk op Dwarsbongel

Dit bericht werd geplaatst in Familie. Bookmark de permalink .

Een reactie op Lieke en K3 (deel twee)

  1. Yolande zegt:

    Nog vlak voor het naar bed gaan dit geweldige verslag van jou en Lieke bij K3 nog een keer gelezen en opnieuw weer tranen in mijn ogen gekregen!!

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s